– Je bent toch niet kaal
(ты ведь не лысый;Een tot zijn oren verliefde jongen zegt tegen zijn moeder:
– Ik kan niet leven zonder haar!
Zegt zijn moeder:
– Je bent toch niet kaal!
Een probleem
(Проблема)
– En jij denkt dat jij problemen hebt
(и ты полагаешь, что у тебя есть проблемы)? – zegt een man tegen zijn collega (говорит мужчина своему коллеге).– Ik heb iemand laatst een paar duizend euro geleend
(я кому-то одолжил недавно пару тысяч евро;– En jij denkt dat jij problemen hebt? – zegt een man tegen zijn collega.
– Ik heb iemand laatst een paar duizend euro geleend voor plastische chirurgie en nu weet ik niet hoe hij er tegenwoordig uitziet!
De kortste weg
(Кратчайший путь)
In het centrum van een zeer drukke stad
(в центре очень оживленного города) vraagt een man aan een voorbijganger (спрашивает один мужчина у прохожего;– Kunt u mij vertellen
(можете вы мне рассказать) hoe ik het snelst bij het ziekenhuis kom (как я, как можно скорее: «скорейше», попаду/приду в больницу;– Ja, hoor, – zegt de man
(да, /послушай/, говорит мужчина), – u doet uw ogen dicht (вы закрываете глаза: «делаете глаза плотно = сомкнутыми») en steekt deze straat over (и пересекаете эту улицу;In het centrum van een zeer drukke stad vraagt een man aan een voorbijganger:
– Kunt u mij vertellen hoe ik het snelst bij het ziekenhuis kom?
– Ja, hoor, – zegt de man, – u doet uw ogen dicht en steekt deze straat over!
Op een afdeling Eerstehulp
(В отделении первой помощи)
…wordt een zwaargewonde man binnen gebracht
(вносят тяжелораненого мужчину: «становится тяжелораненый мужчина внутрь внесенным»;– Naam? informeert de verpleegster
(имя? наводит справку медсестра).– Jan Koenen, antwoordt de man
(Ян Кунен, отвечает мужчина).– Getrouwd
(женат;– Nee, een ongeluk met de motor
(нет, несчастный случай с мотоциклом;…wordt een zwaargewonde man binnen gebracht.
– Naam? informeert de verpleegster.
– Jan Koenen, antwoordt de man.
– Getrouwd?
– Nee, een ongeluk met de motor.
Kistje
(Ящичек)